​Toekomstbestendig… Hoe dan?! 

​​Een toekomstbestendige organisatie. Dat moet je zijn, of worden. Als bestuurder en als leider word je hierop aangekeken en bevraagd. Maar waar begin je, en hoe? Waar werk je aan, en naartoe? En wie neem je mee?

27 maart 2026

​De hulpvraag

“Help ons vooruitkijken naar en voorbereiden op de toekomst. Zodat we alert en weerbaar genoeg zijn om ons maatschappelijk presteren, ook onder druk, overeind te kunnen houden. Help ons verkennen welke elementen daarvoor van belang zijn en welke stappen we kunnen zetten om die elementen te borgen en versterken.”

Die vraag werd ons gesteld door een woningcorporatie, maar hij had net zo goed kunnen komen van een andere organisatie met een maatschappelijke opgave. Bij ‘toekomstbestendig’ denken veel mensen aan financieel stevig genoeg zijn, of aan goed mee kunnen komen met digitalisering en AI. Maar zijn dat voor jóuw organisatie nou echt de thema’s? Is dat waar je maatschappelijk presteren van afhangt?


Toekomstverkenning in twee dagen

Toekomstverkenning is iets waar je in kunt verdwalen. Je kunt zomaar, met heel veel mensen, heel veel tijd besteden aan bijvoorbeeld scenarioplanning. Je kunt ontzettend veel aspecten van die toekomst belichten, onderzoeken en vertalen. Dat kost weken, of zelfs maanden. Maar dat hoeft niet. Je kunt ook in twee dagen al veel bereiken, zoals wij lieten zien bij deze woningcorporatie. Dat vraagt wel om een vorm die mensen echt ‘aanzet’. Die eerst laat voelen en ervaren en daardoor uitnodigt om, actief én niet gehinderd door het bestaande, mee te denken en te doen.


Waarom nu vooruitkijken?

Woningcorporaties staan midden in een stapeling van opgaven: betaalbaarheid, verduurzaming, leefbaarheid, personeelsschaarste, digitalisering en een steeds complexer speelveld aan partners en regels. Daarbinnen wil je niet alleen reageren, maar juist zelf koers bepalen en wendbaar blijven als de druk toeneemt. Toekomstverkenning helpt om samen te zien wat er op jullie afkomt én wat er al in huis is om daarmee om te gaan.


“Wat doen we als de druk écht toeneemt? Wat moet doorgaan, wat mag stoppen, welke radicale keuzes zijn nodig?Door dit te doen ontdek je twee dingen tegelijk: waar je kwetsbaar bent en waar veerkracht en energie zit.”

Dag 1: De toekomst uitvergroot binnenhalen

De eerste stap was een verkenningssessie waarin we de toekomst concreet voelbaar maakten. Daarvoor schakelden we een écht goede spreker in. Die zijn publiek meenam in de grote transities. In een uitgebreid, maar zó boeiend verhaal dat niemand afhaakte. Hij schetste zowel doemscenario’s als aantrekkelijke perspectieven. Onder andere rond samenleving, energie, klimaat, arbeidsmarkt, armoede en digitalisering. Belangrijk is dat de scenario’s expres wat extreem waren: als het schuurt, komt het gesprek echt op gang en ontstaat urgentie.

Mooi aan zo’n verkenningssessie is dat je die open kunt stellen voor een brede groep: je kunt álle medewerkers uitnodigen, en ook veel stakeholders zoals huurders(organisaties), gemeenten, maatschappelijke partners, ketenpartners. Zie dit als een verbindend cadeau: voor iedereen is dit namelijk inspirerend. En zo wordt de toekomstverkenning niet iets van alleen bestuur en strategen, maar van de hele organisatie en de daarbij betrokkenen. Iedereen krijgt inspiratie en eye-openers en voelt het gezamenlijke belang.

Na dit plenaire deel gingen we met een groep van ca. 20 ‘sleutelpersonen’ verder: bestuur, leidinggevenden en strategisch (beleids)adviseurs. Je kunt deze groep ook nog uitbreiden, bijvoorbeeld met mensen – intern en/of extern – die zelf aangeven graag mee te willen doen. Mensen met een frisse blik of kritische stem zijn welkom!

Met deze groep gingen we op zoek naar “Wat als de druk écht toeneemt?” Vanuit vier verschillende perspectieven (in dit geval (on)leefbaarheid, bestaans(on)zekerheid, klimaat en AI/digitalisering) schetsten we extreme scenario’s. In kleine groepen verkenden we de gevolgen voor huurders en wat de corporatie in zo’n situatie zou doen. Wat moet doorgaan, wat mag stoppen, welke radicale keuzes zijn nodig? Door dit te doen ontdek je twee dingen tegelijk: waar je kwetsbaar bent en waar veerkracht en energie zit. Bestaande routines zijn minder ‘heilig’ dan gedacht en mensen durven in crisissituaties veel scherper en creatiever te kiezen dan in de dagelijkse praktijk.

De opbrengsten van deze sessie werkten we in de dagen erna uit. We maakten een presentatie met inzichten en met de patronen die we hadden gezien, bedoeld als start voor de tweede dag.

Dag 2: Elementen voor blijvend presteren

Tussen de 1e en 2e dag zat ongeveer een week: genoeg tijd voor bezinning en reflectie, te weinig tijd om te vergeten wat mensen met elkaar hebben meegemaakt en gedeeld.

Op dag 2 startten we met een korte reflectie op de 1e dag. Daarna deelden we de presentatie van inzichten en patronen. Met als kernvraag: welke elementen zijn (dus) nodig om jullie maatschappelijk presteren onder druk overeind te houden? We identificeerden elementen die te maken hadden met cultuur, structuur, vaardigheden, systemen, samenwerking, participatie en sociale cohesie. Die gezamenlijke ontdekking heeft waarde: de begeleiders zijn in staat om te observeren en de ‘rode draden’ terug te geven, de groep doorleeft, vult aan, scherpt aan en maakt concreet. Zo ontstaat een gedeelde visie op wat écht de “organisatorische kracht” moet zijn om ook onder druk te blijven leveren aan huurders, partners en wijken. Het gaat daarbij niet alleen om wat je extra of beter moet doen, maar ook om wat je mag loslaten om ruimte te maken.

Van visie naar richting en eerste stappen

Een visie op toekomstbestendig organiseren heeft alleen effect als er ook een gevoel van richting en handelingsperspectief ontstaat. Daarom werkten we in het tweede deel van dag 2 met dezelfde groep aan een globale strategie: welke elementen vragen op korte termijn om actie, wat hoort bij de langere adem en moeten we alvast gaan organiseren, waar liggen ‘quick wins’.

Aan het eind staat er een rond verhaal: van externe druk en mogelijke crises, via de unieke kenmerken van de eigen organisatie en belanghebbenden, naar de bouwstenen van een toekomstbestendige corporatie en een schets van de route. Met dit ronde verhaal zijn ook interne – collega’s, ondernemingsraden, RvC – en externe betrokkenen goed mee te nemen. De opbrengst is te vertalen naar een presentatie, een korte film, een visual of een verhaal. Maar ook naar een (herijkt) ondernemingsplan en/of een concreter ontwikkelprogramma.

Praktische keuzes die het verschil maken

De aanpak is kort en gericht, maar vraagt wel om een paar bewuste keuzes:

  • Investeer in een écht goede spreker, die thuis is in de grote transities en dit boeiend kan brengen. Zet deze op een passend podium en nodig gericht mensen uit om dit mee te maken.
  • Zorg dat mensen werkelijk in staat zijn om mee te doen: plan de dagen tijdig in, ga naar een buitenlocatie waar zij niet afgeleid worden door hun dagelijkse werk. Zorg voor goede omstandigheden: een prettige, ruime plek, goede koffie, lekkere lunch.
  • Zorg dat bestuur en managers zichtbaar meedoen; niet als beoordelaars maar als mede-verkenners. Zodat helder is: toekomstverkenning is geen projectje van strategen, maar een gezamenlijke verantwoordelijkheid.

En natuurlijk: maak het verhaal af en verspreid het. Vertel over de resultaten en de betekenis. Laat zien welke inspiratie en energie loskwam. Waardeer het bijzondere proces, ieders inbreng en de gezamenlijkheid die is ontstaan. Zet de route duidelijk neer en daag mensen uit om mee – en liefst voorop – te lopen. Want: de beste manier om de toekomst te voorspellen, is door hem zelf te creëren… 

Karin Waldram

Meer weten?

Karin vertelt je er graag meer over.

020 676 69 02

k.waldram@vannimwegen.nl